Ariendorf

Locatie

Ariendorf is gelegen op de rechteroever van de Rijn, tussen Remagen en Koblenz in. De lokale grind/zand groeve heeft een grote hoeveelheid Pleistocene fossielen opgeleverd die te correleren zijn met afzettingen in Nederland. In onderstaande figuur is de ligging van de groeve aangegeven.

In de grindgroeve (A) is een groot aantal zoogdierresten gevonden. Er zijn hiernaast drie verschillende artefactenniveau´s bekend, te weten Ariendorf-1, -2 en -3.

Een globale indeling van de lithologie van de groeve is :

Datering van deze tuf wijst op een afzettingstijd van het Rosmalen tot aan het Holsteinien (390-730 Ka). De tuf kan vanzelfsprekend eigenlijk niet ouder zijn dan 0,69 Ma (mogelijke aanvang Eifel-vulkanisme). Direct boven de tuf zijn afzettingen gevonden die gecorreleerd kunnen worden met een warme tijd, het Ariendorf-interglaciaal (Unit 3?)
Het Ariendorf interglaciaal zou op basis van deze gegevens mogelijk gecorreleerd kunnen worden met het Holsteinien-interglaciaal of Belvedere-interglaciaal in Nederland. Dit wordt gedateerd op MIS 11 of MIS9, volgens Lisiecki1 tussen 420 Ka en 300 Ka.
De grinden van Unit 1 zijn dan mogelijk te correleren met MIS 12, equivalent met het Caberg-2 terras, zie het Belvedere-artikel. Dateringen van 420 Ka worden voor de Selbergit-Tuff gemeld (MIS 11, Gijssel2).

Groeve Schneider bij Ariendorf

 

Voor het vergelijk tussen de Duitse en Nederlandse situatie is het artikel van Boenigk3 relevant.


Faunainhoud Ariendorf

Van Kolfschoten4 heeft in 1990 een overzicht gemaakt van de zoogdierresten die in de groeve gevonden zijn, met name in unit 5. Ook deze fauna wijst op een leeftijd rond MIS 11, mede op basis van het voorkomen van Arvicola terrestris-B.



  1. Lisiecki, L. E., and M. E. Raymo 2005 A Plio-Pleistocene stack of 57 globally distributed benthic d18O records Paleoceanography, doi:10.1029/2004PA001071.↩︎

  2. Gijssel, K. 2006 A CONTINENT-WIDE FRAMEWORK FOR LOCAL AND REGIONAL STRATIGRAPHIES; application of genetic sequence and event stratigraphy to the Middle Pleistocene terrestrial succession of Northwest and Central Europe, Proefschrift, Leiden↩︎

  3. WOLFGANG BOENIGK & MANFRED FRECHEN Zur Geologie der Deckschichten von Kärlich/Mittelrheintal Eiszeiter u. Gegenwart 48, pp 38 — 49, Hannover 1998↩︎

  4. Van Kolfschoten 1990 The evolution of the Mammal fauna in the Netherlands and the Middle Rhine Area (Western Germany) during the Late Middle Pleistocene Mededelingen RGD, Volume 43-3↩︎